Zoeken
  • Dr2 RES Academie

Naar een meer integrale aanpak

Dr2 RES-Academie is een co-creatie van de transitie-experts van Dr2 New Economy, public affairs-specialisten van Dröge & van Drimmelen en een breed netwerk aan experts en sleutelfiguren binnen de Regionale Energiestrategieën (RES).


In een reeks interviews met diverse RES experts gaan we in op verschillende problemen die spelen en verkennen we gezamenlijk verschillende oplossingen. Vorige week vrijdag, 21 februari, spraken wij Marieke van der Werf, specialist bestuur & beleid, energie en public affairs binnen de dr2 RES-Academie over de huidige staat van de regio’s en de meest prangende vraagstukken rondom de energietransitie. De Dr2 RES Academie biedt ondersteuning aan bestuurders in het identificeren van kansen en voorkomen van valkuilen. Marieke pleit voor meer creativiteit en een meer integrale benadering gedurende het proces. Daarnaast, zo geeft zij aan, hebben de regio’s behoefte aan specifieke ondersteuning vanuit het Rijk.


Marieke formuleert daarbij vijf tips om tot een meer integrale aanpak te komen.


blog loopt verder onder afbeelding


Jonah Link: Waar staan we nu met de RES, wordt de urgentie gezien in de regio’s en hoe verhouden de regio’s zich tot elkaar?

Marieke van der Werf: Het RES-proces heeft een hoop in beweging gebracht, maar het is ook iets nieuws. Sommige gemeenten in de regio's kennen elkaar maar vaker nog zijn het nieuwe gesprekspartners. Veel tijd zit in kennismaking en het opbouwen van een onderlinge vertrouwensband in de regio. Dit zagen wij ook tijdens de visie-workshop in Noord-Holland Noord die wij organiseerden. Dit is lastig want ergens zijn de gemeenten elkaars concurrent. Bijvoorbeeld op de vraag waar windturbines gaan staan. Als windturbines in een naburige gemeente komen, betekent dit dat je als gemeente zelf niet het ingewikkelde proces met bewoners aan hoeft te gaan.

Uiteindelijk zullen alle gemeenten tegen wrijving aanlopen. Even een voorbeeld: Amsterdam is de eerste die met een RES-bod is gekomen. Maar wat je ziet is dat de portefeuilles landschap & natuur en energieopwek knellen. Het stadsbestuur is bezig met de energietransitie, alle lof daarvoor. Maar nu het concreet wordt, verenigen de partijen zich rond landschapsbehoud en laten hun stem duidelijk klinken waardoor deze frictie ontstaat. Zodra het bod wordt uitgebracht ontstaat die weerstand.


Ik denk dat de partijen die het snelste klaar zijn, de partijen zijn waarin het minste aantal gemeenten meedoen waardoor het proces overzichtelijker wordt. Als je kijkt naar Flevoland, zitten zeven gemeenten en een provincie aan tafel, in regio Noord-Holland Zuid zijn het 41 gemeenten. Dan is het toch een ander verhaal om tot een gemeenschappelijk bod te komen. Hoe kleiner de regio, des te makkelijker het politiek bestuurlijk is. Veel regio’s hebben die luxe positie niet en zullen daarmee van tevoren duidelijk in kaart moeten hebben wat, en vooral wie, de huidige voor-en tegenstanders zijn t.o.v. het bod.


Jonah: Merk je dat er concurrentie is tussen de regio’s of zoeken ze elkaar juist wel op?

Marieke: Ik denk wel dat men elkaar nodig zal hebben, met name in het kader van netcapaciteit. Iedereen heeft onderzoek  laten uitvoeren in de eigen regio. Wil je een windturbinepark aansluiten, dan heb je meer capaciteit nodig in het net. In plattelandsgebieden is het misschien makkelijker om installaties te bouwen maar waar ruimte is, is juist vaak weer weinig netcapaciteit. Deze is namelijk afhankelijk van bevolkingsdichtheid. Daar zit een groot probleem dat regio’s niet gemakkelijk zelf op kunnen lossen. Zij hebben gezamenlijk Den Haag nodig om deze congestieproblematiek aan te pakken in samenwerking met de netbeheerder.


De beperking is namelijk niet alleen fysiek (simpelweg de dikte van de kabels) maar is vaak juridisch van aard. Als back-up voor leveringszekerheid wordt de maximale capaciteit van stroom op het net beperkt tot een wettelijk bepaalde hoogte. De werkelijke fysieke capaciteit is hoger dan deze wettelijke capaciteit, wat maakt dat er ruimte is voor meer installaties dan wettelijk momenteel mogelijk lijkt. Regio’s zouden bij het aankaarten van dit probleem gezamenlijk op kunnen trekken naar het Rijk.


blog loopt verder onder afbeelding


Jonah: Wat is er nog meer nodig om de RES tot een succesvolle aanpak te laten komen?

Marieke: Omdat de druk hoog is wordt de energietransitie vooral gezien als een technologisch, planologisch en bureaucratisch probleem. De creativiteit is soms ver te zoeken. Bewoners en belangenvertegenwoordigers moeten daarom ook meer betrokken worden bij de planontwikkeling. Er wordt nu in Amsterdam gereageerd op het concept bod, maar deze reactie had van tevoren al in kaart kunnen worden gebracht. Integraliteit kan ook een multifunctionele aanpak zijn. Bijvoorbeeld een energiepark dat tevens dient als educatiecentrum, ruimte biedt aan stadslandbouw, een kinderboerderij heeft of gewoon een plek zijn waar het aangenaam recreëren is met horeca. Ik zou vooral zeggen: maak er wat van!


De energietransitie wordt op dit moment niet door de gehele bevolking als noodzakelijk gezien. Via een meer integrale aanpak kan er naast de energietransitie worden gekeken naar een brede verduurzaming van wijken, vergroening, circulaire economie en de economische impulsen die daaruit voortkomen. Het gaat altijd om collectief belang versus het individuele belang. Hoe breng je het over dat men wel het gevoel heeft dat er keuzes zijn en het niet wordt opgelegd. Je kunt nooit iedereen tevreden stellen, maar geef men het gevoel dat er regie is over die keuze en maak daarmee van het collectieve belang een individueel belang, namelijk een mooie en schone wijk.


Jonah: Kan je daar in ondersteunen?

Marieke: Het Rijk heeft met het RES-proces vanuit het klimaatakkoord stevige doelen neergelegd in de regio’s. De regio’s doen erg hun best, maar kunnen niet elk knelpunt zelf oplossen. Het Rijk kan daar echt bij ondersteunen. Zo zou het goed zijn als een aantal portefeuilles samenkomen: EZK kijkt naar de energietransitie terwijl I&W kijkt naar de circulaire economie. Nu moeten de portefeuilles samen komen tot een integrale wijkaanpak die de wijk vergroend en verbeterd. Door deze vraagstukken integraal bij elkaar te brengen is er een grotere kans van slagen.


Op dit moment zijn regio’s zo bezig met individuele belangen dat er geen tijd meer overblijft om het collectieve belang naar het individu te krijgen. Juist ook dit vraagt om die integrale benadering. We gaan niet je huis van het gas af halen, we gaan met de hele wijk aan de slag. De RES is niet alleen een technologisch vraagstuk, het vraagt juist om sociale innovatie: hoe ga je de transities die we hebben op het gebied van grondstoffen, biodiversiteit en energie aan de wijk brengen. Als je dan ziet dat je anders moet koken door het vervangen van gas voor elektra, maar je huis is vocht- en schimmelvrij, het groen bloeit op in de wijk, er is een betere verwerking van het huisvuil en je houdt geld over, dan wordt het natuurlijk een interessanter verhaal. De RES gaat piepend en krakend terwijl er juist eindeloze hoeveelheid aan creatieve oplossingen en mogelijkheden zijn.


Hoe dat dan precies moet? Vijf tips om het wat makkelijker te maken:


  1. Breng alle belangen altijd bij elkaar aan tafel, juist ook tegenstrijdige belangen.

  2. Identificeer bij frictie de collectieve gezamenlijke belangen en breng dit zo concreet mogelijk naar een individueel belang.

  3. Breek los van planologische dogma’s, durf de creativiteit op te zoeken door breed te denken en onderzoek dan pas de haalbaarheid.

  4. Probeer in stappen te denken naar het eindresultaat, begin klein en probeer steeds meer toe te voegen aan het geheel.

  5. Deel je successen, en leer vooral continu van de fouten.


Dr2 RES-Academie Masterclasses

Dr2 RES-Academie is een co-creatie van de transitie-experts van Dr2 New Economy, public affairs-specialisten van Dröge & van Drimmelen en een breed netwerk aan experts en sleutelfiguren binnen de Regionale Energiestrategieën (RES). Binnenkort organiseert de Dr2 RES-Academie ook masterclasses gericht op integraal werken en het beter betrekken van je stakeholders. Tijdens de masterclass nemen de RES-experts je mee in verschillende theorie en praktijkvoorbeelden en werken we toe naar concrete handelingsperspectieven voor uw context en situatie.


Doelgroep

De Masterclasses zijn geschikt voor beleidsmakers, bestuurders en projectleiders die een belangrijke rol (gaan) vervullen bij het realiseren van de regionale energietransitie.


Aanpak

Tijdens de Masterclasses wordt theorie afgewisseld met praktijkvoorbeelden. Op deze manier wordt het programma optimaal afgestemd op de praktijk en kunt u uw kennis en vaardigheden direct toepassen binnen uw werksituatie.


Benieuwd naar onze masterclasses en andere activiteiten? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte!


5 keer bekeken